De impasse voorbij

Thema 1992

De Impasse voorbij

De impasse voorbij, tijd voor nieuwe impulsen

Het gaat goed in Nederland. Iedereen mag studeren, iedereen heeft recht op sociale voorzieningen, we hebben een hoge levensstandaard en de onafhankelijkheid van het individu wordt gewaarborgd. Zelfs ons leger wordt werkloos. De doelstellingen van de jaren vijftig en zestig zijn voor een groot deel verwezenlijkt.

Nu naderen wij het einde van deze eeuw. Het lijkt of we geen nieuwe doelen meer hebben behalve het in stand houden van wat in het verleden bereikt is. Gedrevenheid ontbreekt bij het ontwikkelen en nastreven van nieuwe doelen. We zijn in een impasse geraakt die een houding van onverschilligheid tot gevolg heeft.

In onze samenleving trekt het individu zich steeds meer terug in zijn directe omgeving. Alleen daarop lijkt hij nog invloed uit te kunnen oefenen. Men is eraan gewend geraakt dat alles door anderen geregeld wordt. Het individu wordt niet meer uitgedaagd om deel te nemen aan zaken die iets verder van zijn bed liggen. Pas wanneer de eigen materiële verworvenheden in het gedrang komen lijken mensen, gedreven door eigenbelang, bereid iets te ondernemen. Is dat, wat als individualisme is begonnen, doorgeslagen naar egoïsme en onverschilligheid?

Voor onze houding van onverschilligheid zoeken we graag een verklaring in een gevoel van machteloosheid. De schouders ophalen omdat we niet meer weten hoe verder te gaan, is een manier om een probleem opzij te leggen en daarmee de zoektocht naar oplossingen op anderen af te wentelen. Maar is het wel waar dat we zo machteloos zijn of gaat het meer om enigszins egocentrisch gemakzucht? In onze rol als student, werkende, kiezer en burger klagen we over de kwaliteit van respectievelijk het onderwijs, de werksituatie, onze vertegenwoordigers en het bestuur. Vaak zijn dit geen ongefundeerde klachten, allerminst, maar we lijken niet meer in staat om als individuen onze klachten inhoud te geven. Juist nu de persoonlijke ontplooiingsmogelijkheden in termen van vrijheden en middelen groter zijn dan ooit te voren, zou het vormgeven aan de eigen ideeën een uitdaging moeten zijn. Hoe ver moet het bijvoorbeeld komen voordat studenten opstaan en roepen om beter onderwijs in plaats van zich slechts bezig te houden met de hoogte van hun studiebeurs?

Het mag dan wel goed gaan in Nederland en overigens ook in de meeste andere westerse landen, toch zal een houding van onverschilligheid dit op den duur gaan ondermijnen. Het ontbreekt niet aan grote uitdagingen, dichtbij en ver weg: de Europese eenwording, de Oost-Europese problemen en mogelijke oplossingen, de economische machtsverschuiving, maar ook de plaatselijke, nationale en mondiale milieuproblematiek. Daarom kunnen wij het ons niet meer permitteren onze schouders op te halen. De inzet en verantwoordelijkheid van een ieder zijn hierbij van een te groot belang. Om niet stil te blijven staan zijn nieuwe impulsen nodig. Deze kunnen geboden worden door onze omgeving, maar invloed hebben wij alleen op de impulsen die van onszelf uitgaan. Gaat het niet om de ruimte die we voor onze eigen en andermans creativiteit en initiatief weten te creëren? Is het hierbij niet noodzakelijk om gebruik te maken van de mogelijkheid om over de eigen grenzen te kijken en zo inzicht te krijgen in alternatieven? Hoe kunnen we inhoud geven aan onze ideeën, zodat een eigen inbreng wèl verschil maakt? Zijn wij uiteindelijk zo onverschillig als onze omgeving ons maakt, of maken wij onze eigen omgeving en ligt het dus aan onszelf?

Nu ligt er de uitdaging om met alle mogelijkheden en vrijheden die onze moderne, pluriforme en dynamische samenleving ons biedt, de onverschilligheid van ons af te schudden en op zoek te gaan naar nieuwe impulsen.

Als u, net als wij ervan overtuigd bent dat de mens niet werkelijk, innerlijk onverschillig en machteloos is, nodigen wij u uit om met ons op zoek te gaan naar die nieuwe impulsen om de huidige impasse te doorbreken.

Sprekers: 
Prof. D. Maybury-Lewis
Dr. h.c. A. Leysen
Mr. A.W.H. Docters van Leeuwen
Mrs. Anita Roddick
Prof. Dr. G.H. Hofstede
Paula Willems
Mr. H.A.F.M.O. van Mierlo
Dr. Th. SommerSymposiumvoorzitters: 
Mr. A. Schaberg
Mr. G.H.O. van Maanen

Bestuur: 
Diederik van Rappard – Voorzitter
Mélanie van den Bosch
Emilie van Holthe tot Echten
Constantijn van Oranje

Ceremoniemeesters: 
Emily Bremers
Alexander Geene